Brusselse Brede Scholen: uitstel van een noodzakelijke hervorming

Kleuters muurklimmen

Vijf jaar geleden startten de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) en de Vlaamse Gemeenschap de eerste Brede Scholen op. In die Brede Scholen werd zwaar ingezet op het versterken van de talentontdekking en de ontwikkelingskansen van kinderen en jongeren. Dankzij de inhoudelijke en financiële ondersteuning van de VGC werd een positieve beweging in gang gezet. Het aantal groeide snel, van enkele durvers in 2012, tot de 29 Brede Scholen vandaag.

Beleid voeren is beslissen en keuzes durven maken. Maar ook analyseren, uitvoeren en vervolgens evalueren. Kritisch naar de eigen resultaten kijken en van daaruit leren. Zo stelden we vast dat in het huidige subsidiekader heel wat kinderen en jongeren, scholen en gemeenten niet de kans kregen om deel uit te maken van een bredeschoolnetwerk. Het huidige model bereikte zijn grens. Uitbreiding en verankering waren niet mogelijk.

Tijdens de beleidsperiode 2014-2019 wilden we vanuit de Vlaamse Gemeenschapscommissie de Brusselse Brede Scholen én hun coördinatoren een duurzaam perspectief bieden. We hadden de ambitie alle scholen, alle gemeenten en vooral alle kinderen en jongeren lid te laten zijn van een inhoudelijk sterk bredeschoolnetwerk met een lokale en bovenlokale poot. Gemeenten, scholen en partners intensief laten samenwerken aan de brede ontwikkeling van elk kind, elke jongere: daar lag en ligt nog steeds onze focus.

In de verschillende beleidsteksten werd het belang, de nood en de inhoud van de hervorming toegelicht. De hervorming steunde op volgende pijlers:

  1. Bredere verspreiding van Brede Scholen over heel het Brussels gewest: alle kinderen en jongeren krijgen de kans om zich maximaal te ontwikkelen in een Brede School;
  2. Ontwikkeling van zowel een lokale als bovenlokale werking: alle scholen en alle gemeenten krijgen de kans om mee te bouwen aan Brede School;
  3. Afstemming tussen verschillende vormen van financiële ondersteuning met een grote autonomie voor de scholen;
  4. Afstemming tussen de verschillende vormen van inhoudelijke ondersteuning vanuit het Onderwijscentrum Brussel;
  5. Aanbieden van een volwaardig statuut en krachtige werkomgeving voor de bredeschoolcoördinatoren.

Eind december 2017 bleek echter dat deze hervorming niet door iedereen gedragen werd, waardoor beslist werd om deze niet meer tijdens de huidige beleidsperiode door te voeren. Een gemiste kans.

Dit betekent dat we de bestaande werkingen voorlopig verder zetten en we de voorgestelde veranderingen binnen een ruimer tijdskader realiseren. Van de huidige 29 Brede Scholen verwachten we dat ze verder groeien in kwaliteit en tijdens deze overgangsperiode (de overeenkomsten zijn geldig tot 2020) een doelgerichte werking ontwikkelen in nauwe samenwerking met het Onderwijscentrum Brussel.  

Onze ambitie op het vlak van bredeschoolontwikkeling blijft onverminderd. Meer dan ooit beogen we voor elk kind een Brede School. Enkel het tijdspad kreeg een andere invulling.

Steven Vervoort
Algemeen directeur Onderwijs en Vorming
Algemene directie Onderwijs en Vorming
Vlaamse Gemeenschapscommissie

Piet Vervaecke

Directeur Onderwijscentrum Brussel
Entiteit Onderwijscentrum Brussel
Vlaamse Gemeenschapscommissie